Stamreeks Beekenkamp
Generatie I
Lena Elizabeth (Leny) Beekenkamp, geb. te Rijswijk op 22 okt 1951, ged. ned.hervormd te Rijswijk op 2 mrt 1952, verkoopster bij V&D en 3-Suisses, kosteres van de Oude Kerk te Rijswijk, medewerkster in de bejaardenzorg, tr. te Rijswijk op 2 jun 1976, kerk.huw. te Rijswijk (Oude Kerk) door Ds. P. Holst op 2 jun 1976 met Pieter Arie (Pieter) Schelling, zn. van David (Daaf) Schelling en Lena (Lenie) Langenberg, geb. te Honselersdijk op 6 jul 1956, ged. ned.hervormd te Honselersdijk op 26 aug 1956, adm. medewerker en chef afd. buitenland bij de Amro Bank van 1974 tot 1978, woont vanaf 1976 te Rijswijk, buschauffeur bij Westnederland van 1978 tot 1987, buschauffeur, trambestuurder en planner bij HTM in Den Haag vanaf 1987.
Generatie II
Willem (Wim) Beekenkamp, geb. te Voorburg op 27 jun 1915, tuinarbeider, gemeentewerkman te Rijswijk, ovl. te Voorburg op 7 apr 1987, begr. te Rijswijk op 10 apr 1987, tr. te Wateringen op 12 mei 1938 met
Elizabeth (Bep) Sepers, dr. van Matthijs Sepers en Anna Maria Roggeveen, geb. te Rijswijk op 19 dec 1910, ovl. te Voorburg op 11 mrt 1988, begr. te Rijswijk op 14 mrt 1988.
Generatie III
Abraham Beekenkamp, geb. te 's-Gravenzande op 11 apr 1880, arbeider, los werkman, wonend te Voorburg Hoekweg 33, wonend te Rijswijk Ieplaan 21 (later 179) en Rembrandtkade 125, ovl. te Delft op 7 mei 1957, begr. te Rijswijk op 11 mei 1957, tr. te Rijswijk op 13 mei 1908 met
Cornelia Sepers, dr. van Dirk Sepers en Neeltje Pels, geb. te Rijswijk op 15 mrt 1884, ovl. te Rijswijk op 5 sep 1968, begr. te Rijswijk op 9 sep 1968.
Generatie IV
Willem Beekenkamp, geb. te 's-Gravenzande op 30 okt 1844, bouwmansgezel, arbeider, bouwman, wonend te 's-Gravenzande tussen 1871 en 1889 aan de Noordlandsedijk, wonend te Maasland tussen 1889 en 1891 aan de Sluispolder B107, wonend te 's-Gravenzande tussen 1891 en 1897, ovl. te 's-Gravenzande op 15 feb 1897, tr. te 's-Gravenzande op 16 dec 1870 met
Leentje van Staalduinen, dr. van Leendert van Staalduinen en Elizabeth van den Ende, geb. te 's-Gravenzande op 1 dec 1850, ovl. te Maasland op 24 apr 1891.
Generatie V
Johannes (Jan) Beekenkamp, geb. te 's-Gravenzande op 22 okt 1810, ged. te 's-Gravenzande op 28 okt 1810 (getuige: Neeltje Beekenkamp), bouwman, wonend te 's-Gravenzande Nieuwlandsedijk en later Noordlandsedijk, ovl. te 's-Gravenzande op 6 feb 1881, tr. (1) te 's-Gravenzande op 5 jan 1833 met Maria van Leeuwen, dr. van Jan Corsz van Leeuwen en Johanna (Hanna) Beekenkamp, geb. te 's-Gravenzande op 3 aug 1813, gewettigd te 's-Gravenzande op 22 aug 1813 bij het huwelijk van haar ouders, ovl. te 's-Gravenzande op 8 sep 1838, begr. te 's-Gravenzande (graf MC 110) op 13 sep 1838,
tr. (2) te 's-Gravenzande op 3 apr 1840 met
Elizabeth van der Wel, dr. van Willem Willemsz van der Wel en Antje Cornelisdr van Geest, geb. te 's-Gravenzande op 9 mrt 1815, ovl. te 's-Gravenzande op 30 nov 1880.
Generatie VI
Abraham Beekenkamp, geb. te Zandambacht op 4 feb 1786, ged. te 's-Gravenzande op 5 feb 1786 (getuige: Neeltje Lugtigheid), bouwman te Zandambacht, arbeider, winkelier, tuinder, wonend te 's-Gravenzande aan de Maasdijk, ovl. te 's-Gravenzande op 18 feb 1857, otr. te 's-Gravenzande op 20 apr 1810 (en te Naaldwijk), tr. te Zandambacht, gerechtelijk op 6 mei 1810 met
Elizabeth van Geest, dr. van Arij van Geest en Catharina de Jong, geb. te Naaldwijk op 29 sep 1784, ged. te Naaldwijk op 3 okt 1784, ovl. te 's-Gravenzande op 8 sep 1859.
Abraham Beekenkamp is bij zijn huwelijk j.m. van Zandambacht wonende te Naaldwijk.
Elizabeth van Geest komt in mei 1793 in 's-Gravenzande wonen. Bij haar huwelijk is zij "j.d. geboren te Naaldwijk en wonend in 't Honderdland onder de gemeente van Naaldwijk". In het bevolkingsregister van 's-Gravenzande staat zij afwisselend vermeld als geboren te Naaldwijk en te 's-Gravenzande, als geboortedatum wordt wel steeds 29 september 1784 genoemd. Dan zou zij een dochter van Arij van Geest en Catharina de Jong moeten zijn, maar volgens haar overlijdensakte is zij geboren te 's-Gravenzande als dochter van Jacob van Geest en Elizabeth van Geest. Gezien de vernoemingen van de kinderen lijkt dit laatste echter onwaarschijnlijk en is bij de aangifte van haar overlijden door de aangevers hiervan (haar schoonzoon Lucas Vreugdenhil en de smid Helmerik Oostmeijer) waarschijnlijk per abuis het verkeerde ouderpaar genoemd.
Generatie VII
Jan Gerritsz Beekenkamp, ged. te Rijswijk als Johannes op 17 jul 1746 (getuige: Jan Beekenkamp), fermier, diaken (1785, 1789), schepen (1801-1810) te Zandambacht, koopt te 's-Gravenhage op 9 mrt 1778 samen met zijn zwager Willem van der Wel 20 morgen land van de buitenplaats Stellendijk te Zandambacht, ovl. te 's-Gravenzande op 29 jun 1812, begr. te 's-Gravenzande (in de kerk, graf ZZ 98) op 3 jul 1812, otr. te 's-Gravenzande op 10 apr 1778 (en op dezelfde datum eveneens ondertrouwd te Maasland), tr. te Maasland op 26 apr 1778 met
Pieternelletje Lugtigheid, dr. van Pieter Abrahamsz Lugtigheid en Neeltje Walings van der Kooy, ged. te 's-Gravenzande op 31 jan 1751 (getuige: Maria Lugtigheid), landbouwster, ovl. te 's-Gravenzande op 7 mrt 1831, begr. te 's-Gravenzande op 11 mrt 1831 (graf ZZ 98).
Ondertrouwd 10 april 1778: Jan Bekenkamp j.m. van Rijswijk wonend te Zandambacht met Pieternelletje Lugtigheid j.d. van Zandambacht wonend te Maasland. Impost ieder f 3.-.- (DTB 's-Gravenzande 5 pag. 58).
Het echtpaar maakt op 17 september 1781 te Zandambacht een testament op. Zij verklaren dan gegoed te zijn onder de f 2.000,00 en benoemen in dit testament elkaar en eventuele kinderen uit hun huwelijk tot erfgenaam. Tot voogd over eventuele minderjarige kinderen wordt allereerst de langstlevende benoemd en vervolgens Arij van Hees, wonende te 's-Gravenzande, en Arij Westmaas, wonende onder de Heerlijkheid van Zandambacht. Jan Beekenkamp ondertekent de akte en Pieternelletje Lugtigheid zet een kruisje.
Generatie VIII
Gerrit Beekenkamp (Bekkenkamp, Breekelekamp), afkomstig uit Overijssel, tuinman, mogelijk identiek met Gerrit Beckenkamp ged. op 11 okt 1705 te Diepenheim, zn van Jan Jonnink op 't Beckenkamp en Berentjen Beckenkamp, ovl. te 's-Gravenhage op 5 apr 1777 (aangiftedatum, "Gerrit Breekelenkamp, oud 70 jaar, borstkwaal, vervoerd naar Loosduinen"), begr. te Loosduinen, tr. (2) te Loosduinen op 8 mei 1768 met Cornelia Rolaar, dr. van Hendrik Rolaar en Sara van Haastert, ged. te Delft, Oude Kerk op 10 jan 1730 (getuigen: Reynier Rolaar en Maria van Haastert), (Cornelia otr. (2) te 's-Gravenhage op 21 mrt 1779 met Klaas ten Hoven.).
Gerrit Bekkenkamp is bij zijn huwelijk j.m. afkomstig uit Overijssel maar wonend te Rijswijk. Zonder verdere plaatsaanduiding of patroniem is het erg lastig om zijn herkomst in Overijssel te traceren, daarbij komt dat onderzoek in Overijssel wordt bemoeilijkt door het feit dat men zich daar vaak gewoon was te noemen naar het huis, de boerderij of het erf waarop men woonde of boerde. Omdat een "Bekke" in de streektaal een beek is en een "kamp" een hoog gelegen stuk bouwland zou mogelijk de naam Beekenkamp afgeleid kunnen zijn van een huis, boerderij of erve gelegen bij een beek.
In de DTB-registers van Diepenheim wordt vermeld "het Beckenkamp in 't kerspel van Diepenheim" en soms ook "Beckenkamp opt Coenderink". In het Repertorium op de Overstichtse en Overijsselse Leenprotocollen 1379-1805 door E.D. Eijken (1995) staat bij het Richterambt Diepenheim o.a. vermeld "Den Bekedam in den Dorpe Diepenheim".
Daarnaast blijkt in Hengevelde (ca. 6 kilometer van Diepenheim) een boerderij Bekencamp geweest te zijn. In het verpondingsregister van 1601 wordt "Den Beckincamp" voor het eerst genoemd. In 1905 werd deze boerderij bij publieke verkoop verkocht, de grond ging naar diverse eigenaren en de boerderij zelf werd afgebroken. In Hengevelde is naar deze boerderij de Bekkampweg vernoemd (bron: Dhr. H. Grefte te Hengevelde).
Volgens een kwartierstaat in het bezit van Dhr. G.H. Beekenkamp uit Nieuw Weerdinge, samengesteld door diens inmiddels overleden oom, zou Gerrit Beekenkamp in 1705 geboren zijn te Diepenheim. Onderzoek in de DTB registers van Diepenheim levert het volgende op:
Trouwboek 115, blz. 15 : Op 23 november 1704 wordt te Diepenheim het huwelijk bevestigt van Jan Gerritsen, zoon van wijlen Gerrit op de Willigen, met Berentjen Henriks, dochter van Henrik Keusenkamp, beiden in het kerspel Diepenheim.
Doopboek 114, blz. 21 : Op 11 oktober 1705 is gedoopt het kind Gerrit, zoon van Jan Jonnink op 't Beckenkamp en Berentjen Beckenkamp.
Doopboek 114, blz. 22 : Op 24 oktober 1706 is gedoopt het kind Henrik, zoon van Jan Bekkenkamp en Berentjen Henrikz.
Als deze Jan Beckenkamp (Jonnink) en Berentjen Henrikz (Beckenkamp) de ouders zouden zijn van "onze" Gerrit Beekenkamp, dan zou dit de vernoemingen van hun oudste zoon Jan en jongste dochter Barendina kunnen verklaren. Maar hét bewijs is nog niet gevonden. Bij de doop van twee van Gerrit's kinderen (namenlijk Johanna in 1737 en Johannes in 1746) treedt als doopgetuige een Jan Bekenkamp op, van dit mogelijke familielid (mogelijk dus zijn vader Jan Beckenkamp cq. Jan Jonnink) is echter in het Westland en omgeving geen spoor te vinden.
In 1737 wordt hij genoemd als lidmaat te Loosduinen: "Gerrit Bekenkamp, tuijnman bij mijn Heer van Alphen" met attestatie van en naar Rijswijk.
Als Gerrit in 1738 trouwt met Johanna Timmermans woont hij in Rijswijk.
Op 15 april 1739 wordt te 's-Gravenhage een akte van indemniteit afgegeven voor "Gerrit Beekenkamp, en syn huysvrouw Johanna Timmermans, mitsgaders hare twee kinderen met name Pieternella Beekenkamp, out seven Jaaren, en Johanna Beekenkamp out twee Jaaren" naar Loosduinen.
Gerrit Beekenkamp was doopgetuige bij o.a. de doop van zijn kleindochters Johanna Verver (Leiden 23 november 1755) en Johanna Cornelia IJdo ('s-Gravenhage 2 november 1774).
Bij de huwelijksinschrijving van Gerrit Beekenkamp en Cornelia Roolaard staat vermeld dat de bruidegom zijn twee nog minderjarige kinderen ieder f 6,= bewijst. Gerrit Beekenkamp "tuijnman wonende onder Haag Ambagt" en Cornelia Roolaard trouwen op huwelijkse voorwaarden. Op 19 april 1768 passeert bij notaris Gilles Nijné te 's-Gravenhage de akte. Naast de opsomming van beider goederen benoemen zij in deze akte elkaar en eventuele kinderen uit hun huwelijk tot erfgenaam en benoemt Gerrit Beekenkamp ook "sijne vier voorkinderen met name Johanna, Maria, Johannes en Berendina in huwelijk verwekt bij wijlen sijne huijsvrouw Johanna Timmermans" tot zijn erfgenamen,
otr. (1) te Rijswijk op 11 okt 1738 (en te 's-Gravenhage op 12 oktober 1738), tr. te 's-Gravenhage (Nieuwe Kerk) op 26 okt 1738 met
Johanna Timmermans, geb. te 's-Gravenhage, woont te 's-Gravenhage in 1738, huwelijksgetuige bij het huwelijk van Hendrik Ferber en Johanna Petronella (Pieternella) Beekenkamp te Leiden op 16 nov 1753 (zij woont dan te 's-Gravenzande), ovl. tussen 1753 en 1768, relatie(1) met Johannes Bronkhorst.
Johanna Timmermans is bij haar huwelijk met Gerrit Beekenkamp in 1738 j.d. geboren en wonend te 's-Gravenhage. Volgens de kwartierstaat van der Tas in Ons Voorgeslacht (Jaargang 1980, blz. 418) zou Johanna Timmermans gedoopt moeten zijn te 's-Gravenhage op 12 augustus 1714 als dochter van Anthony Simmerman en Wilhelmina Doeff, maar dan kloppen de vernoemingen van de kinderen niet. Gezien deze vernoemingen en de verbinding met de familienaam van der Lus via de doopgetuigen, komt in 's-Gravenhage een Dirk Timmermans (met zowel een Johanna van der Lus als een Maria van der Lus als echtgenote) als vader in aanmerking, maar uit deze beide huwelijken is een doop van een dochter Johanna in 's-Gravenhage niet te vinden.
Na hun huwelijk vestigen Gerrit Beekenkamp en Johanna Timmermans zich eerst in 's-Gravenhage want in 1739 vertrekken "Gerrit Beekenkamp met syn huysvrouw Johanna Timmermans" met een akte van indemniteit van 's-Gravenhage naar Loosduinen. In deze akte van 15 april 1739 worden expliciet de dochters van Johanna Timmermans genoemd: "mitsgaders hare twee kinderen met name Pieternella Beekenkamp, out seven Jaaren, en Johanna Beekenkamp out twee Jaaren". Alhoewel haar beide dochters in deze akte dus genoemd worden met de achternaam Beekenkamp is de zevenjarige Pieternella identiek met Johanna Petronella die op 3 juni 1731 in de Nieuwe Kerk te 's-Gravenhage wordt gedoopt als dochter van Johanna Timmermans en Johannes Bronkhorst.
Johanna Timmermans assisteert haar dochter Johanna Pieternella Beekenkamp op 16 november 1753 in Leiden als deze in ondertrouw gaat met Hendrik Ferber, Johanna Timmermans woont dan in 's-Gravenzande. Bij de doop van hun dochter Johanna op 23 september 1755 is Gerrit Beekenkamp doopgetuige, mogelijk is Johanna Timmermans dan inmiddels overleden.